Een mond als een streep

Wanneer kan je als lezer of luisteraar eigenlijk helemaal in een verhaal kruipen? Dat vroeg ik me samen met een klant onlangs af. Ze schrijft zachtmoedige kinderverhalen, maar ook zachtmoedige verhalen moeten op spanning staan. Hoe maak je subtiele spanning dan maximaal krachtig?

Tussen ons in lag een stapel hoogwaardige kinderboeken en we maakten er onze eigen workshop van. We visten telkens een boek uit de stapel en lazen daarvan samen de eerste bladzijde. Zin voor zin onderzochten we wanneer we ons levendig voelden, nieuwsgierig, sprankelend óf juist niet. Wanneer is een verhaal spannend? Wanneer hang je aan de lippen van je voorlezer?

De verschillen in spanning waren zonneklaar. Bij het ene boek wilden we eigenlijk alsmaar doorlezen – we zaten op het puntje van onze stoel – en bij het andere boek dwaalden onze gedachten al snel af. We konden ook precies aanwijzen waardoor we in spanning zaten of waardoor we afhaakten. We ervoeren – dat vond ik heel verrassend – allebei exact hetzelfde. Een paar verhaalwetten kwamen heel duidelijk aan het licht.

De wetten

a) Er is een tegenstelling of kwestie nodig in het verhaal. Er moet een vraag zijn of een probleem, of iets dat nieuwsgierigheid opwekt. Liefst moet onze belangstelling al in de eerste of tweede zin worden opgewekt.

b) We hebben beelden nodig. Zodra de taal algemeen wordt of vlak, zoals mijn klant mooi zei, verslapt je aandacht meteen. Je weet dan niet wat je voor je moet zien. De zin: ’Juf liep naar school’ is een mededeling. Er is voor de lezer of luisteraar visueel en emotioneel niks te beleven. Het gaat al beter bij de zin ‘’Juf liep in grote passsen naar de voordeur’’. Nu kan je  verbeelding aan het werk. Juf maakt hier haast en dat zie je nu aan de passen. Ook de school is geen abstract begrip meer maar heeft in elk geval een voordeur.

c) We willen als lezer of luisteraar heel graag bij het perspectief van de (hoofd)persoon kunnen blijven. In één van de verhalen van mijn klant is de juf boos op een leerling. ‘’Juf is boos’’, is dan een prima zin maar als lezer weten we nu nog niet hoe de leerling waarneemt dat de juf boos is. Dat plaatst ons als luisteraar een beetje op afstand van de leerling. Als daarna de zin volgt: ‘’Haar mond is een streep’’, zien wij het ook voor ons. Oef, een mond als een streep! We maken met de leerling mee wat zij meemaakt. We zitten als echt VIP’s met onze neus vooraan in de scene en kunnen meeleven. Natuurlijk kan je met deze zinnen en hun volgorde vervolgens experimenteren voor het maximale effect. Deze wet van het perspectief geldt trouwens niet alleen voor literatuur maar ook voor poëzie, autobiografische teksten en zelfs zeker ook voor non-fictie. Elke tekst heeft een perspectief en als dat tot zijn recht komt, komt de tekst veel meer tot leven.

Het effect

Het was heel fris om deze verhaalwetten even samen opnieuw te ontdekken en zelf te verwoorden op grond van eigen waarnemingen. De wetten waren daarna zo handzaam dat we er meteen mee aan de slag konden. We herschreven aansluitend een van haar verhalen. Het effect was groot. Met enkele aanpassingen en aanvullingen kreeg het verhaal ineens veel meer kleuring. Haar personages en de zeggingskracht van het verhaal kwamen nu echt tot hun recht.

Hoe het afliep? Juf was niet zomaar boos. Ze was geschrokken – en terecht! – en aan het eind lacht ze weer, en is er een feestje in de klas. Eind goed al goed!

Dankjewel voor het lezen van mijn blogs, ik vind het leuk om ze voor je te schrijven. Tot volgende keer
!
Dank aan Unsplash John Macclung voor het beeld.

***
Wil jij iets zeggen over dit boek, dit blog of heb je een boekentip? Welkom bij de comments:

Blijf op de hoogte

Ontvang inspirerende blogs, tips en de agenda van Schrijven met Heleen

0 reacties

Een reactie versturen

Blijf op de hoogte

Ontvang inspirerende blogs, tips en de agenda van Schrijven met Heleen

De nieuwste blogs

Wil jij graag meer lezen in 2024?

Wil jij graag meer lezen in 2024?

Wil jij al een tijdje graag meer lezen maar komt het er niet van? Dat is heel herkenbaar. Soms zijn er zelfs leesobstakels die je zelf niet eens in de gaten hebt. Er is gelukkig goed nieuws, je eigen leesfeest (of challenge of doel of uitdaging, welk woord je maar prefereert) kan echt helpen, en dan vooral als je dat doel helemaal voor jezelf op maat maakt.

Muziek als leidraad

Muziek als leidraad

Wil jij een verhaal of boek schrijven? Als je de vorm van je verhaal te pakken hebt, ben je een heel eind op weg. Anna Enquist vond haar vorm voor het boek Contrapunt (2008) in de muziek van Bach. Aan de hand van de 30 Goldbergvariaties schildert ze een gezin met een groot verlies.

Zonder ziel geen verhaal

Zonder ziel geen verhaal

Wil jij een verhaal of boek schrijven? Dan kan het helpen om te spieken bij anderen en via die weg je eigen thema, stijl of vorm te vinden. In de serie ‘De kunst afkijken’ dit keer een film die verrassend weinig bij de kijker teweegbrengt. Wat ging er mis in het maakproces en wat kunnen we daarvan leren?

Ga naar de inhoud