Hoe een eikenblad op een surfplank belandt

Een vrolijk bomenboek voor álle leeftijden, dat leek me geweldig om te maken. In deze serie mini-artikelen neemt Wilma je mee in hoe het allemaal is gegaan en welke gekke wegen we hebben bewandeld om het visioen te realiseren. Het woord aan Wilma!

Ik was bezig om mijn dahlia’s van een dikke laag blad te voorzien, toen Heleen mij belde. Dat ze in een flits, terwijl ze door het bos rende en over een rood blaadje stapte (was dat nou een esdoornblaadje of niet?), ineens een idee had gekregen voor een bomenboek. Een boek waarin je als vanzelf bomen leert kennen, zonder feiten te lezen over gekartelde blaadjes of een gladde stam. Ik werd nieuwsgierig. Hoe zag ze dat voor zich?

‘Nou’, zei ze, ‘met een foto van de bast en het bijbehorend blad. Geen uitleg. En dan teken ik een vrolijke omgeving voor ze. Soms met een grapje of een terugkerend figuurtje. En elke boom krijgt een dubbele pagina en een toegankelijk gedicht. In mijn flits zag ik jou dat doen. Vind jij het misschien leuk om die gedichten te schrijven? ’Ik keek naar mijn kruiwagen vol dor blad en dacht: Bomen tevoorschijn laten komen op papier. Dat lijkt me een heerlijke bezigheid. Ik had al eerder tevergeefs gezocht naar een nieuw thema om over te dichten, maar nu kwam het naar mij toe. En ik wist het onmiddellijk: O ja, dit wil ik. Dus ik zei ja.

Voortgang

We gingen aan de slag en verzamelden een lijst bomen als vertrekpunt. We wisten niet of ze allemaal mee mochten doen maar nu hadden we een begin. Toen kon het broeden beginnen, het nadenken over een gedicht. De eik als eerste, want die herken ik goed, maar ik kreeg meteen mijn eerste leerpunt te pakken: wees zuinig met de feiten. Ik wilde vertellen over de Germanen en de Grieken, hoe de eik in allerlei mythen en legendes zijn rol heeft. Dat men dacht dat de stem van de Goden door hun takken waait. Dat eiken een verbinding zijn tussen hemel en aarde. Dat ze bliksem goed kunnen verdragen. Ik maakte aantekeningen om vooral niks te missen van wat ik las over de eik. En toen het gedicht klaar was: 4 coupletten met 4 wetenswaardigheden daarin verwerkt, vond ik het niet verkeerd. Er zaten mooi klinkende regels tussen, nergens gedwongen rijm en de lezer zou zeker iets over de eik te weten komen.Ik stuurde het gedicht naar Heleen. Ik geloof dat ze zoiets zei als: ‘Best veel informatie hè. Misschien moet ik Zeus in de tekening maar languit tussen de takken laten liggen’. Ik schoot in de lach. Ik zag het al voor me. Heleen ging erop door: Was het een idee dat ik het alleen over Zeus had als dat gegeven mij aansprak? Ze vroeg zich ook af of wij (en dus ook de lezer) gebaat waren met zoveel informatie. Of de eik nu meer herkenbaar was, levendig? Nee, dat vond ik eigenlijk helemaal niet. Bovendien hoefden we toch niks educatiefs, dat zou de aandacht maar bij de beleving en het verhaal weghalen, benadrukte Heleen. Alleen een bast en een blad dat waarheidsgetrouw is en de rest is verbeelding. En dat laatste wordt ook een haakje voor herkenning.

Verbeelding

Dat woord: verbeelding. Ik kan, mag (misschien is het zelfs een voorwaarde) mij dingen verbeelden als ik dicht.  Ik mag dingen beweren alsof ze de waarheid zijn. Ik hoef de zogenaamde werkelijkheid niet in een mooi pakketje woorden aan te bieden, maar ik kan er een andere voorstelling van maken. Dat is veel leuker, dat is spelen. Zeus languit tussen takken. Dat beeld zou behulpzaam worden om mijn toon te vinden. Die kant moest ik uit. Toch voelde ik nog wel een lichte aarzeling toen ik drastisch mijn A4-tje vol interessante wetenswaardigheden verscheurde. Maar ik zag ook kansen. Een dag later stapte ik op de fiets naar de eik die ik ken van de straat bij de Plus. Daar liep ik onopvallend te dralen. Ik vroeg mezelf af: hoe weet ik altijd meteen dat jij een eik bent. Wat zie ik aan jou? Waar denk ik aan? Eenmaal thuis zocht ik weer woorden (maar dit keer om het beeld te schetsen dat ik in mezelf op het spoor was), minder klip en klaar, maar gek genoeg was ik  dichter bij de boom dan in het hele traject daarvoor. Ik spiekte één keer nog op internet of mijn eik op duingrond kan staan. Ik wilde heel graag dat hij dat kon. Eén klein feitje had ik nodig, toch wel, om mijn verbeelding waar te laten zijn. En gelukkig bleek dat zo te zijn. Nu kon ik mijn eerste boom met goed fatsoen een uitzicht meegeven op zee.

Tot volgende keer! Wilma en Heleen

 

Blijf op de hoogte

Ontvang inspirerende blogs, tips en de agenda van Schrijven met Heleen

0 reacties

Een reactie versturen

Blijf op de hoogte

Ontvang inspirerende blogs, tips en de agenda van Schrijven met Heleen

De nieuwste blogs

De weg van de ginkgo biloba

Deze zomer neemt Wilma je mee in een serie mini-artikelen over het blije bomenboek. In deze aflevering lees je hoe het maken van dit boek haar eigen zijderoute is geworden. We geven dit kleurrijke grote prentenboek uit in eigen beheer. Lees er alles over!

Schrijven is als mediteren

Schrijven is een krachtig instrument en als je echt in je onderwerp durft te duiken kan dat veel in jezelf veranderen. De effecten van schrijven lijken, als je de diepte ingaat, heel veel op de vermogens die je ontwikkelt bij meditatie.

Mij lukt nooit iets

Als je iets nog niet beheerst kan je jezelf flink op je kop zitten. Hoe werkt dat eigenlijk? En wat helpt daartegen? Je leest het in het blog hieronder in De onnodige uitvergroting. 

Mijn winkelwagen
Je winkelwagen is leeg.

Het lijkt erop dat je nog geen keuze hebt gemaakt.